Links verduurzamen

  1. Moeilijke keuzes moeten niet worden uitgesteld – die tijd hebben we niet meer:
    • de kolencentrales moeten direct dicht,
    • de intensieve veeteelt moet binnen 10 jaar gehalveerd worden en in 30 jaar geheel worden afgebouwd (ook van belang voor het voorkomen van nieuwe zoönoses, zoals het covid-19 virus),
    • de luchtvaart moet zolang daar zoals nu geen duurzame vorm voor bestaat, krimpen (Schiphol terug naar max. 400.000 vluchtbewegingen, 10% minder op andere luchthavens, in komende kabinetsperiode, Lelystad gaat definitief niet open, duurdere prijzen, verbod op vluchten <750km), en duurzame alternatieven moeten we faciliteren en organiseren.
    • We maken per direct een einde aan alle subsidies voor fossiele energie – in de vorm van exportkredietverzekeringen en vrijstellingen voor energiebelasting (glastuinbouw) en van belasting op kerosine (luchtvaart), en subsidies aan niet-duurzame vormen van biomassa. Subsidies worden zoveel mogelijk vervangen door beprijzing, waarbij schoon en duurzaam goedkoper worden. Op dit moment bedragen de subsidies aan fossiele energie aan grootverbruikers 17,5 miljard euro per jaar![i]
    • De industrie wordt niet langer uitgezonderd van de wettelijke plicht voor bedrijven alle broeikasgasuitstoot te verminderen als er maatregelen daarvoor mogelijk zijn die zich binnen vijf jaar laten terugverdienen, en we gaan dat strikt handhaven.
    • De transitiekosten voor de energietransitie, incl. investeringen in nieuw elektriciteitsnetwerk en  -opslag, en in productie en distributie van groene waterstof, maken deel uit van het Brede Welvaartsfonds dat we met 60 miljard euro vullen.
  2. Er komt een nationaal fonds om mensen naar nieuw werk te begeleiden en werk en inkomen te garanderen, voor hen die werk verliezen door de energietransitie.
  3. De overheid moet levens en gezondheid van haar burgers te beschermen en tevens zich te houden aan Europese wetgeving waaraan ze zich heeft gecommitteerd. Burgers kunnen dat in het vervolg bij de rechter gaan afdwingen.
  4. We dwingen drastische vermindering van gebruik antibiotica in veeteelt af, verbieden en belasten gebruik van schadelijke pesticiden, bevorderen biologische bestrijdingsmiddelen en voorkomen patenteren en in eigendom nemen van natuur door bedrijven.
  5. De normen voor de luchtkwaliteit, zoals voor geur (ammoniak), de hoeveelheid en samenstelling van (ultra-)fijnstof en fijnstof van bio-industrie, stikstofoxiden en roet, worden aangescherpt tot tenminste het niveau dat is vastgelegd door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO).
  6. Normen op het gebied van geluid, trillingen, stank, en andere overlastgevers worden altijd vastgesteld op basis van de beste (en meest recente) wetenschappelijke inzichten en strikter gehandhaafd. Gemeenten hebben een belangrijke de taak bij de handhaving en geven inwoners inzicht in de controle. Bedrijven die installaties vervangen krijgen geen nieuwe vergunning als zij niet de best beschikbare, duurzame technieken toepassen.
  7. Het stikstofarrest van de Raad van State wordt strikt uitgevoerd – niet door ontwijktrucs. De Nederlandse stikstofuitstoot moet met meer dan 50% omlaag om de natuur drastisch te ontzien.
  8. Met betrekking tot de uitstoot van PFAS-stoffen worden bronmaatregelen genomen die voorkomen dat ze nog gemaakt worden, in plaats van dat de normen versoepeld worden. De uitstoot wordt streng verboden en gehandhaafd, ook wat betreft de afvalstromen. Er komen onafhankelijke veilige normen voor de concentratie in bodem (ten behoeve van bodemsanering) en water (voor toepassing als drinkwater). De toepassing van het kankerverwekkende chroom-6 wordt eveneens direct verboden. Bij bouwen of bij ander gebruik van de grond krijgt de veiligheid en kwaliteit van het drinkwater de hoogste prioriteit. Voorraden voor de toekomst worden beschermd tegen bedreiging en vervuiling, zoals het lozen van afvalwater en de winning van zout of gas. De normen voor lozen van voor de gezondheid schadelijke stoffen door bedrijven in bodem, water en atmosfeer moeten veel strikter worden gehandhaafd en veel zwaarder, ook strafrechtelijk, worden vervolgd.
  9. In plaats van kolencentrales investeren we in wind, zon, geothermie en andere niet-fossiele bronnen. Ook aardgas beëindigen we – direct qua Nederlandse winning. We investeren in netwerken, die publiek beheerd blijven of worden (zoals de warmtenetten). We investeren ook in groene waterstof als duurzame vorm van energieopslag. Deze investeringen maken deel uit van het eerder genoemde Brede Welvaartsfonds. Restwarmte-uitstoot wordt belast opdat het rendabel wordt deze te benutten.
  10. We willen in 2050 niet alleen een fossielvrije energievoorziening, maar een volledig circulaire economie: een kringloopeconomie waarin geen eindige grondstoffen worden uitgeput en waarin reststoffen (afval) volledig opnieuw worden ingezet in het systeem. Met een zuiniger gebruik van eindige grondstoffen, en met een productieconcept waarin hergebruik, reparatie en recycling uitgangspunt is, en waarin ook energie teruggewonnen wordt uit materialen en afval(verwerking). Een donut-economie, waarin de groei begrensd is door lijnen van ecologische duurzaamheid en sociale rechtvaardigheid. En waarin groei niet meer alleen gemeten wordt in welvaart, maar ook in welzijn, geluk, ecologie en gezondheid. Met ook nieuwe verdienmodellen, waarin je betaalt voor gebruik in plaats van voor bezit, en waarbij producten eigenaar blijven van het product. Voor iedere sector van onze economie komen er wettelijke doelstellingen, instrumenten en financiering, op weg naar een volledig circulaire economie in 2050. We streven daarbij naar een breed maatschappelijk akkoord met sociale partners, overheden en de milieubeweging. We realiseren voor 2050 100% hergebruik van grondstoffen en afval. Hiertoe wordt naar analogie van de Klimaatwet een Afvalwet ingevoerd, met afgesproken meetbare en voor de burger afdwingbare termijndoelen. De transitiekosten maken deel uit van het eerder genoemde Brede Welvaartsfonds. Onderdeel van deze aanpak is:
    • We voeren de verpakkingsbelasting opnieuw in en verdubbelen de opbrengst;
    • Statiegeldregelingen voor alle plastic en blik verpakkingen worden verplicht gesteld;
    • Alle verpakkingen worden uiterlijk 2030 verplicht biologisch afbreekbaar, zoals bioplastics.
  11. In de landbouw moet er een nieuw verdienmodel komen:
    • Niet meer door concurrentie op zo laag mogelijke kostprijs, maar met eerlijke prijzen, garanties voor eerlijke concurrentie door gelijke eisen te stellen aan importproducten en het breken van de inkoopmacht van o.m. supermarkten en de tussenhandel en de marktmacht van voedselverwerkers.
    • We willen meer, kleine boeren en minder dieren met meer dierenwelzijn, geen monocultuur en meer natuurlijk leven.
    • Uitstoot van broeikasgassen, stikstof en fijnstof moet zoveel mogelijk worden teruggedrongen.
    • We stellen strenge duurzaamheidskwaliteitseisen en willen grondgebonden productie, met zoveel mogelijk lokale productie- en consumptieketens.
    • We bevorderen regionale afzetcoöperaties.
    • Export van landbouwproductie vervangen we zoveel mogelijk door export van landbouwexpertise.
    • De veestapel moet in 2030 met de helft gekrompen zijn en in 2050 is er geen intensieve veeteelt meer in ons land.
    • Natuurinclusieve landbouw moet in 2050 volledig gerealiseerd zijn met meetbare en voor burgers afdwingbare tussendoelen in 2030.
    • We sluiten daartoe een Plattelandsakkoord, in de geest van het Klimaatakkoord, met betrokkenheid van boeren, burgers en overheden op het platteland, van banken en van natuur- en milieuorganisaties.
    • De transitiekosten maken deel uit van het eerder genoemde Brede Welvaartsfonds.
  12. We investeren tot 2030 20 miljard extra in (betaalbaar, snel, toegankelijk) OV, fietsvoorzieningen, en elektrisch particulier vervoer. Het OV moet qua prijs voordeliger worden dan privaat vervoer. Dat doen we door de OV-prijzen te verlagen en die van privaat vervoer (auto, vliegtuig) zwaarder te belasten – het laatste ook gedifferentieerd naar tijd en plaats, om overlast en verstopping (met weer meer uitstoot) te beperken. Het verlies aan inkomsten van het OV door de corona-crisis compenseren we volledig, opdat de nu geplande bezuinigingen kunnen vervallen. Deze investeringen maken deel uit van het eerder genoemde Brede Welvaartsfonds.
  13. Duurzaam links impliceert dat we de veranderingen eerlijk en sociaal uitvoeren. De sterkste schouders en de grootste vervuilers krijgen de zwaarste lasten:
    • Er komt een substantiële (€ 50 per ton CO₂-uitstoot met 5% jaarlijkse verhoging) CO₂-belasting voor alle bedrijven, inclusief energiebedrijven, landbouw, en bijv. datacenters, die niet verrekend mag worden met de bestaande ETS-heffing.
    • De CO₂-belasting en de bestaande ETS-heffing gaan ook gelden voor andere broeikasgassen, dus ook bijv. voor methaan.
    • We gaan ook de uitstoot van stikstof en fijnstof belasten.
  14. We voeren een apart laag btw-tarief in voor producten die voldoen aan eisen van ecologische duurzaamheid (circulair gebruik van grond- en afvalstoffen, geen fossiele energie, bescherming van biodiversiteit, dierenwelzijn en gezondheid mensen, geen vervuiling) en van sociale rechtvaardigheid (geen kinderarbeid, eerlijke beloning en arbeidsvoorwaarden, bescherming arbeidsomstandigheden en positie werknemers, eerlijk belasting betalen) met behulp van een nieuw keurmerk voor Duurzaam en Eerlijk Ondernemen. Ook gezonde producten (geen of weinig suiker en vet bv.) worden onder het lage btw-tarief geplaatst. Duurzame apparaten, diensten en producten komen zo onder het laagste btw-tarief, zoals biologische producten en ander duurzaam geproduceerd voedsel, openbaar vervoer, reparatiediensten, het circulair ophalen en verwerken van afval, etc. Vervuilend gedrag moet juist zwaarder belast worden, zoals vleesconsumptie, producten van intensieve landbouw en visserij, e.d. Er komt een verbod op stunten met vleesprijzen. Al het vlees dat in Nederland verkocht wordt, beschikt als eerste stap over tenminste twee sterren van het Beter Leven Keurmerk van de Dierenbescherming.
  15. De energiebelasting gaat omlaag voor normale huishoudens – nu betalen zij gemiddeld 30 x zoveel als de meest vervuilende bedrijven, dat moet worden omgekeerd:
    • Een progressieve energiebelasting naar schaal van energieconsumptie en tarieven gebaseerd op uitstoot CO₂, zodat duurzame elektriciteit niet belast wordt, met kolen opgewekte elektriciteit extra zwaar belast wordt en met aardgas opgewekte elektriciteit even zwaar belast wordt als direct gebruik van aardgas. Vervuilers en fossiel grootverbruikers veel zwaarder belasten, huishoudens lager belasten.
    • Lage inkomens krijgen een hogere belastingvrije voet voor de energiebelasting.
    • Huidige vrijstellingen, juist vaak van de grootste vervuilers (zoals de luchtvaart) worden afgeschaft.
  16. De opslag duurzame energie (ODE) in de energiebelasting wordt afgeschaft. De subsidies voor verduurzaming worden anders gefinancierd, o.m. uit een hogere energiebelasting op vervuilende productie. Subsidies voor verduurzaming energieverbruik (SDE+) komen in het vervolg vooral ten goede aan de lage en middeninkomens. En ze mogen niet gebruikt worden voor CO₂-opslag (CCS) of niet-duurzame biomassa. Bedrijven moeten daarin zelf investeren.
  17. De milieu-investeringsaftrek wordt geschrapt. Hiervoor in de plaats komt het innovatie- en werkgelegenheidsfonds zoals onze TK-fractie dat heeft voorgesteld.
  18. We stellen tenminste 1 miljard euro beschikbaar voor isolatie en ventilatie van publieke gebouwen (zoals scholen, zorginstellingen, bibliotheken, sportclubgebouwen, etc.). Dit geld komt uit het Brede Welvaartsfonds.
  19. Er komen bindende afspraken met corporaties en commerciële verhuurders voor het energieneutraal maken van 250.000 woningen per jaar. Er komt een verbod op het verhuren van woningen met de slechtste energielabels (vooral in bezit bij particuliere verhuurders), voorafgegaan door een verbod op huurverhoging van deze woningen. Dit verbod wordt stapsgewijs aangescherpt.
  20. Gemeenten kunnen met hulp van het Rijk duurzaamheidsfondsen oprichten die koopwoningen verbeteren, en in ruil daarvoor een aandeel nemen in de woning. De eigenaar kan ervoor kiezen de investeringen terug te betalen en weer volledig eigenaar te worden, of de woning deels eigendom te laten blijven van het fonds. In ruil voor de gratis woningverbetering wordt deze woning onderdeel van een gereguleerd en sociaal koopsegment.
  21. Sociale huurwoningen gaan niet van het gas af voor, of op zijn vroegst tegelijk met, dat ze goed geïsoleerd en geventileerd zijn. Bij de omzetting moeten huishoudens 1000 euro ontvangen om de kosten van vervanging van kookstel, fornuis en pannen te financieren. De financiering hiervan geschiedt uit het Brede Welvaartsfonds. Zonder de onder wonen genoemde garantie voor niet stijgende woonlasten kan de sociale huursector niet de startmotor zijn van de verduurzaming van de bebouwde omgeving. We passen de Warmtewet aan opdat warmtenetten publiek worden, de koppeling aan de gasprijs moet worden geschrapt, de bescherming van consumenten wordt versterkt (de prijs moet transparant zijn en bewezen lager dan gasprijs, en alle storingen moeten worden vergoed) en bevorderen energiecollectieven voor de levering van warmte.
  22. We gaan de slachtoffers van de aardgaswinning snel en onafhankelijk compenseren en dat zoveel mogelijk verhalen op de NAM. Groningen (en delen van Drenthe) krijgen een apart fonds van 10 miljard euro voor herstel en investeringen.

Gerard Bosman, januari 2021


[i] Zie: https://www.mejudice.nl/artikelen/detail/subsidie-voor-fossiele-brandstoffen-ongekend-groot

FacebooktwitterredditpinterestlinkedinmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedinmail

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *