Een offensief tegen armoede en schulden – samenvatting

Nederland staat nummer 14 op de lijst van de rijkste landen ter wereld. Toch is er in ons land bittere armoede. Er zijn ruim 1 miljoen mensen met een inkomen onder de CBS-grens van lage inkomens.
Tot die groep behoren ook 235.000 werkenden! Een onwillige overheid laat de armoede onnodig voortduren. Die onwilligheid komt o.a. voort uit het neoliberale gedachtengoed: ‘armoede is eigen schuld’. Neoliberalen prijzen de high opportunity, high risk samenleving. De praktijk is: opportunities voor de ene klasse en de risks voor de andere.

Zo’n insteek kan nooit een effectieve armoedebestrijding voortbrengen. In plaats van hulp bieden is er eerder sprake van jacht maken op uitkeringsgerechtigden. De praktijk laat zien dat mensen in een uitputtende cyclus van regelingen en formulieren worden gestuurd, dat hen een wantrouwende bejegening en vernederende verplichtingen ten deel valt en hun privacy onder druk wordt gezet. De enorme controle- en sanctiesystemen gaan gepaard met hoge kosten maar bijna niemand wordt nog geholpen doordat de systemen met te kleine budgetten werken en niet gericht zijn op effectieve hulp maar op protocollen. Armoede is in de allereerste plaats geldgebrek, arme huishoudens komen volgens het Nibud nu € 217 per maand tekort. Veroorzaakt door te lage inkomens en te hoge vaste lasten. Laten we ons daar op richten. De weg naar effectieve oplossingen in vijf voorstellen:

Voorstel 1: Verhoging minimumloon en sociaal minimum. Stijging van het minimumloon naar 14 euro per uur, zoals de FNV eist, en het daaraan gekoppelde sociaal minimum. Dat impliceert een verhoging met 27%. We onderbouwen dat dit een einde maakt aan de belangrijkste oorzaak van armoede – geldgebrek, huishoudens aan de onderkant komen structureel iedere maand inkomen te kort, en het geeft een opwaartse druk aan het loongebouw daarboven – en dat is goed voor onze economie, met niet minder, maar juist meer banen.

Voorstel 2: Schrappen kostendelersnorm in de bijstand. De bijstand is al te laag om rond te komen. Het leidt bovendien tot gekmakende, vernederende en privacy schendende taferelen.

Voorstel 3: Invoering van een Zekerheidsinkomen in plaats van bijstand, Wajong, ANW, AOW en studiefinanciering. Iedereen die minder inkomen heeft dan het (verhoogde) sociaal minimum, krijgt het aangevuld tot dat minimum, zonder nadere voorwaarden en verplichtingen. Werk wordt van een plicht een recht. Het is een kanteling van perspectief: Een systeem van dwang, repressie en controle werkt niet. We gaan inzetten op motiveren, verleiden, faciliteren. De bijstand wordt hiermee vereenvoudigd en ontdaan van al zijn ineffectieve, verspillende en vernederende verplichtingen. Bijverdienstenmogelijkheden bij alleen een Zekerheidsinkomen worden de eerste periode verruimd. Alle ingezetenen krijgen recht op de uitkering, behalve tijdelijke arbeidsmigranten (incl. uit de EU). Het sociaal minimum blijft verschillen tussen alleenstaanden en samenwonenden en er geldt wel een vermogenstoets. Voor gepensioneerden blijft als afwijking hiervan dat zij altijd, ongeacht hun inkomen en vermogen, een Zekerheidsinkomen ontvangen ter hoogte van het sociaal minimum. De huidige opbouweis van AOW-rechten vervalt. Wajong-ers hoeven niet meer gekeurd te worden. Het zekerheidsinkomen vervangt ook de huidige studieleningen, daarmee komt er in feite een soort studieloon.

Voorstel 4: Een betere aanpak van schulden van huishoudens
De situatie van problematische en risicovolle schulden van huishoudens vraagt een geheel andere aanpak. Schulden van huishoudens zijn nergens in de wereld zo hoog als bij ons. Het aantal huishoudens met risicovolle en problematische huishoudens is dramatisch en stijgt. Het huidige stelsel is een hel voor de schuldenaar, kost de samenleving miljarden, in de meeste gevallen krijgen schuldeisers hun geld grotendeels niet terug, de enige die echt baat heeft bij deze industrie is de schuldenindustrie zelf, en jij en ik betalen voor deze gigantische verspilling. Daarenboven bedreigt het huidige schuldenniveau onze economie en welvaart. Het voorstel beschrijft een geheel nieuwe aanpak.

Daarbij wordt in de eerste plaats het risico van schulden meer bij de kredietverlener gelegd: bij faillissement geen claim meer op toekomstig inkomen, bij inleveren onderpand hypotheek geen restschuld meer, zorgplicht (en dus aansprakelijkheid) vergroten van crediteuren ten tijde van het aangaan van koop-, leen- en huurovereenkomsten, het verbieden van het commercieel verhandelen van schulden van huishoudens, de zorgplicht van banken blijft ook bij uitbesteding van incasso bij de oorspronkelijke partij in stand, ook wat betreft aansprakelijkheid. Voorts maken we het aangaan van te risicovolle leningen moeilijker: afschaffen van de hypotheekrenteaftrek, hogere eisen aan eigen kapitaal bij hypotheek – gefaseerd, en met tegelijkertijd zorgen voor meer betaalbare huur.

We saneren problematische bestaande leningen door een eenmalige kwijtschelding (ook voor studieleningen en hypotheken onder water) en maken daarmee in een klap huishoudens financieel veel stabieler – hetgeen we financieren door een verhoging van de bankenbelasting. Daarmee betalen de banken terug wat zij de huishoudens bij de door de banken veroorzaakte crisis gekost hebben. Het wordt tijd dat na de banken ook deze huishoudens gered worden.

We gaan natuurlijk ook de financiële voorlichting verbeteren (in het onderwijs, en met een verplicht Geldloket per gemeente) en de reclame voor leningen strenger reguleren. Sociale incasso vanuit de rijksoverheid (vaak de grootste schuldeiser) gaan we organiseren door maatwerk toe te passen bij incasso door het Rijk, met één incassobureau voor alle Rijksdiensten (dus incl. CJIB) en één beleidslijn voor het afschrijven van oninbare vorderingen. We verplichten dat Gemeentelijke Kredietbanken met lage rentes werken (maximaal de rente waarvoor gemeenten zelf kunnen lenen plus aantoonbare kosten). Gemeentelijke vroegsignalering moet verplicht georganiseerd worden. We voeren een deurwaardersregister en een vergunningsplicht in voor private incassobureaus in om onoorbare praktijken tegen te gaan en bij overtreding deurwaarders te kunnen sanctioneren.

Voor de huishoudens die ondanks deze veranderingen toch in problematische schulden blijft er schuldhulpverlening nodig. Dat vraagt wel om een geheel ander, wel werkend stelsel waar iedereen zo snel mogelijk toegang tot krijgt, juist de mensen die niet zelfredzaam zijn, en waarin de drie bestaande stelsels geïntegreerd wordt. Dat wordt bij gemeenten gezet, maar die krijgt daarbij de instrumenten die nu aan de rechter voorbehouden zijn, en er komen allerlei kwaliteitswaarborgen (met bijbehorend budget) om de hulp veel effectiever en eerder te laten zijn. Niemand verlaat het traject zonder schone lei en zonder dat de problemen, die aan de schulden ten grondslag lagen, zijn aangepakt.

Voorstel 5: Verlaag de vaste lasten

De lasten van huishoudens zijn de afgelopen 10 jaar zeer gestegen: huur +37,3%, ziektekosten 21,9%, eigen risico + 89%, gemeentelijke belastingen + 42,3%, telefoon en internet +15,3%. Tel daar bij op energielastenstijging en verhoging btw. We moeten huren verlagen, zorg en kinderopvang geheel collectief financieren, btw voor gezond en duurzaam verlagen, en energiebelasting verlagen. Dan kunnen we ook de belastingtoeslagen met hun schulden en armoedeval schrappen.

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmailFacebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *