Start

Artikelen

  • Samen linksom!

    Ik roep Lilianne Ploumen, Lilian Marijnissen en Jesse Klaver op, ga samen linksom! Op naar een nieuwe, gezamenlijke toekomst.

    Wil links nog iets bereiken bij de komende verkiezingen, dan moeten de handschoenen tegen het demissionaire kabinet uit. Voluit in de aanval, ook over de falende corona-aanpak.

    En links (tenminste GL-PvdA-SP) moet een offensief stembusakkoord sluiten:

    1. We gaan niet zonder elkaar in een kabinet
    2. We vallen elkaar tijdens de campagne niet aan of af.
    3. We nemen niet deel aan een kabinet als we gezamenlijk minder dan 40 zetels hebben.
    4. We formuleren een gezamenlijke inhoudelijke inzet voor een links regeerakkoord.

    Wat betreft het laatste punt, hierbij mijn voorzet – volstrekt amendeerbaar, onder de conditie dat het de samenwerking niet belemmert.

    1. Snel en veilig uit de lockdown: Een betere coronastrategie met:
      • korte, harde klappen naar R < 0,3
      • snellere en slimmere vaccinatie (binnen 2 maanden alle 60-plussers en andere risicogroepen gevaccineerd),
      • openstelling winkels, evenementen etc.  met sneltesten en gecontroleerde quarantaine,
      • met een crisisstructuur die snel handelen garandeert
      • meer crisisondersteuning voor ondernemers en werknemers zolang deze crisis voortduurt, met strengere voorwaarden wat betreft solidariteit, sociaal beleid en duurzaamheid
      • bij de extra steun aan grote bedrijven geldt de aanvullende voorwaarde dat deze geschiedt door verwerven aandelen en dus zeggenschap voor de Staat, en substantiële medefinanciering van andere eigenaren en crediteuren
      • met een afdwingbaar recht op thuiswerken als dat kan en een bewijslast voor werkgevers als zij menen dat dit niet kan
      • met een plan en tenminste € 1 miljard voor extra ondersteuning voor onderwijs, cultuur, en welzijn & zorg aan groepen die in de problemen komen (o.m. voor extra jeugdzorg en bescherming bij huishoudelijk geweld, leerlingen/studenten en hun onderwijsinstellingen moeten extra jaar krijgen, zonder dat zij financiële gevolgen ondervinden
      • er komt een wettelijk coronaverlof voor ieder die door sluiting van onderwijs en/of kinderopvang thuis moet zijn voor hun kinderen
    2. Een goed inkomen voor iedereen:
      • we gaan hogere reële lonen bevorderen voor lage en middeninkomens, met hoger WNL, hogere lonen in publieke sector (zie 5) lagere inkomsten/loonbelasting voor deze groep (zie 12), lagere vaste lasten (zie 5, 7 t/m 9), en veel meer banen (zie 3) waardoor concurrentie zal toenemen met hogere lonen tot gevolg – goed voor onze binnenlandse bestedingen
      • we zorgen voor eerlijke beloningsverhoudingen met wettelijke beperking maximumloon versus gemiddelde of laagste beloning, met een verplichte vermogensaanwasdeling, met uitbreiding werkingssfeer Wet Normering Topinkomens naar o.m. woningcorporaties, pensioenfondsen (incl. hun uitvoeringsorganisaties), het Koningshuis, zorgaanbieders en alle instellingen die geheel of grotendeels afhankelijk zijn van overheidsbekostiging – bestaande vrijstellingen vervallen direct – schijnconstructies zoals nu bij de publieke omroep worden uitgesloten, en met de invoering van het initiatief wetsvoorstel gelijke genderbeloning
      • het WML gaat in stappen uiterlijk in 2026 naar 14 euro per uur, het sociaal minimum (bijstand, AOW, etc.) stijgt mee (koppeling), de minimumleeftijd voor volledig WML gaat van 21 naar 18 jaar. Voor minderjarige werkenden gaan we uit van treden van 20%-punt per leeftijdsjaar van het verhoogde WML. Inkomens tot zeker 130% huidig WML zullen door deze verhogingen ook stijgen. Tegelijkertijd met het verhogen van het WML worden de werkgeverslasten verlaagd met een tijdelijke, aflopende loonkostensubsidie voor banen tot tweemaal modaal, ter hoogte van de door CPB berekende extra loonkosten van het hogere WML, per jaar met 20% aflopend. De huidige Lage Inkomens Voordeel (LIV) in de werkgeverslasten verdwijnt daarbij. De lastenverlichting wordt alleen verstrekt voor vaste banen (incl. voorlopige aanstelling met uitzicht op vaste dienst)
      • een Zekerheidsinkomen als rechtvaardige vervanging van bijstand en Wajong, gebaseerd op vertrouwen, zonder plicht tot betaald werk (dus ook zonder tegenprestatie en sollicitatieplicht), individueel (dus zonder partnertoets en kostendelersnorm), met ruime grenzen voor giften en vermogen, met een fraudewet en -beleid dat beperkt is tot echte, doelbewuste fraude en niet meer de privacy schendt (o.m. landelijke inlichtingenbureau wordt opgeheven, algoritmen verboden), en vooruitlopend daarop een crisisinkomen voor iedereen die buiten vangnet valt
      • Mensen die duurzaam (tenminste een half jaar) uitstromen naar betaald werk zodat ze geen Zekerheidsinkomen meer ontvangen alsdan een premie van € 2000
      • ook mensen met een beperking krijgen altijd tenminste het WML. Mensen met een beperking die gaan werken maar minder kunnen werken en/of minder productief zijn, ontvangen het normale functieloon en rechtspositie – de werkgever wordt daarbij met loonkostensubsidie gecompenseerd
      • we gaan de WW toegang versoepelen, de minimumduur verlengen naar 8 maanden en de maximumduur naar 3 jaar, en deeltijd WW beter organiseren
      • er komt een individueel AOW zonder opbouweis, geen AOW-premie (betalen uit belastingen), met AOW na 45 jaar werken en beter vroeg- en deeltijdpensioen
      • aanvullende pensioenen voor alle werkenden en indexeren voor iedere generatie vanaf 2022
      • studenten ontvangen weer een beurs, het leningenstelsel wordt afgeschaft, waarbij de leengeneratie een compensatie ontvangt. Rijke ouders moeten bijdragen. Het lesgeld in het mbo wordt voor alle studenten afgeschaft
    3. Volledige werkgelegenheid voor iedereen die wil en kan, met goed en eerlijk werk:
      • we sturen niet op zgn. evenwichtswerkloosheid maar op volledige werkgelegenheid voor iedereen die betaald werk wil en kan
      • met meer banen redden, ook flexbanen, als voorwaarde voor steun aan werkgevers en als subsidievoorwaarde bij publieke instellingen
      • bij desondanks werkloos worden is er altijd een aanbod van gratis goede begeleiding en scholing naar ander werk (dat geldt ook bij banen die verloren gaan door de energietransitie)
      • we scheppen veel extra reguliere banen in de publieke sector (zie 4 t/m 6) en maken arbeid goedkoper (zie 12)
      • in de publieke sector gaan we de waarde van werk ook breder bezien dan alleen bedrijfsmatig. De overheid als ‘employer of last resort’. Het geeft zin aan het bestaan en werk voor mensen is goed voor de samenleving als geheel. Waar maar enigszins mogelijk scheppen en behouden we extra reguliere banen, vooral ook voor laag- en middelbaar opgeleiden
      • er komt een recht op gratis goede arbeidsbemiddeling en loopbaanadvies, voor iedereen die (meer, ander, aangepast) werk wil, met nieuw stelsel van arbeidsbemiddeling in regionale werkwinkels van sociale partners en gemeenten, met ieder een sociaal ontwikkelingsbedrijf, waarbij eigen regie van werkzoekenden voorop staat, met nieuw leerrechtenstelsel voor scholing werkenden en periodieke loopbaan- en gezondheidstoets alle werknemers
      • met een recht op publieke basisbanen, met tenminste WML en opbouw pensioen, en een vaste aanstelling, die landelijk gefinancierd worden, voor maatschappelijk nuttig additioneel werk, dat aangeboden wordt bij non-profit en publieke instellingen en overheden, die deze banen kunnen aanmelden bij de werkwinkels;
      • frixiewerkloosheid lossen we zoveel mogelijk op door omscholing (met o.m. de genoemde leerrechten) en door onderwijs in tekortberoepen (ook financieel) aantrekkelijker te maken en de opleidingscapaciteit daarvoor te vergroten
      • we bevorderen economische zelfstandigheid van vrouwen door betere facilitering (bevordering opname zorgverlof mannen, meer betaald zorgverlof en gratis kinderopvang, en publieke banen voor meer uren aan te bieden en deze hoger te belonen naarmate er meer uren gewerkt wordt
      • flexwerk duurder maken en beperken: Nulurencontracten worden verboden, de bewijslast of iemand een werknemer is wordt omgedraaid, de ‘ketenregeling’ wordt weer beperkt van drie naar twee jaar (als je langer bij een werkgever in dienst bent, dan moet je in vaste dienst worden genomen), met uitzondering voor seizoensarbeid. We beperken het aantal contractsvormen cf. advies cie. Regulering van Werk tot drie: werknemer, uitzendkracht en zelfstandige. De feitelijk werkgever wordt ook de juridisch werkgever (van belang bij bijv. platformbedrijven). Alle fiscale faciliteiten die zelfstandigen bevoordelen t.o.v. andere werkenden worden afgeschaft, incl. de ondernemersaftrek op winst en verlies uit onderneming (zelfstandigenaftrek, startersaftrek, meewerkaftrek, aftrek voor speur- en ontwikkelingswerk, stakingsaftrek), evenals de ondernemingsfaciliteiten (mkb-winstvrijstelling, de landbouwvrijstelling, de milieu-investeringsaftrek, de willekeurige afschrijving milieu-investeringen, de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek, de energie-investeringsaftrek, en de herinvesteringsreserve) zoals de cie. Regulering van Werk heeft voorgesteld. Er komt een minimumtarief voor zzp-ers van € 30 per uur. Het ontslagrecht wordt niet versoepeld
      • uitbuiting arbeidsmigranten o.m. cf. advies Roemers snel beëindigen, gereguleerde (zoveel mogelijk tijdelijke) arbeidsmigratie als kans zien voor tekortberoepen i.p.v. als culturele bedreiging, met waarborgen tegen verdringing en braindrain. We schaffen de zogenoemde extraterritoriale (‘expat’) regeling af
      • we gaan de zeggenschap van werknemers en hun vakbonden versterken. De rechten van de Ondernemingsraad (OR) worden versterkt, o.m. met een recht op het benoemen van een deel van de leden van de Raad van Commissarissen en instemminsrecht bij afhandeling van faillissementen en bij doorstarten, fusies en overnames. Er komen maatregelen om de positie van vakbonden te versterken. Gele bonden worden bestreden – zij worden uitgesloten van cao-overleg. Onderdelen van cao’s kunnen alleen voor leden gaan gelden, teneinde free-rider gedrag tegen te gaan. In het burgerschapsonderwijs wordt aandacht gegeven aan het belang van vakbonden en van organisatie van werknemers. Er wordt niet getornd aan de algemeenverbindendverklaring van cao’s
    4. Een sterkere publieke sector (zorg/onderwijs/welzijn/veiligheid/etc.), met meer geld , banen en ruimte voor professionals, zonder marktwerking:
      • er komt € 15 miljard structureel bij voor 300.000 extra publieke banen, hogere lonen, betere kwaliteit, oplossen wachtlijsten en bestrijden ongelijkheid (€ 5 miljard voor onderwijs, € 5 miljard voor zorg, € 5 miljard voor veiligheid en recht, uitvoerings- en toezichtorganisaties, welzijnswerk, overheden, etc.).
      • we vergroten de zeggenschap van werknemers en de regel- en budgetruimte van de professionals in de publieke sector
      • we bannen zoveel mogelijk marktwerking en rendementsdenken uit de publieke sector
      • we gaan bezien welke privatiseringen en liberaliseringen van publieke deelsectoren in aanmerking komen om te worden teruggedraaid vanwege bijv. kwaliteits- en prijsoverwegingen of vanuit optiek dat algemeen belang (bijv. duurzaamheid of werk) daarmee beter gediend is
      • we komen met een actieplan voor herstel van een integere, rechtvaardige, niet-discriminerende, humane overheid (als reactie op o.m. toeslagen- en bijstandschandalen, de afhandeling van de aardbevingsschade in Groningen en het adoptieschandaal) met o.m.:
        • parlementaire enquête naar toeslagenschandaal
        • snelle volledige compensatie van alle slachtoffers van de Belastingdienst
        • meer aandacht en geld voor uitvoerbaarheid en rechtvaardig maatwerk
        • versterking van de rechtsbescherming in het bestuursrecht
        • uitsluiten van omkering bewijslast
        • borgen dat er altijd individueel getoetst wordt, met weging van redelijkheid en billijkheid, en uitsluiting van discriminatie (zoals gebruik van nationaliteit)
        • borgen dat bij terugvorderingen en boetes proportionaliteit in acht wordt genomen
        • verzekering van mondeling contactmogelijkheid bij iedere overheidsbrief
        • uitbreiding openbaarheid van bestuur en informatierecht parlement (met o.m. afschaffing Rutte doctrine)
      • de veiligheidssector zit verstopt. De rechtsstaat en de toegang tot het recht komen steeds meer in het geding. De hele rechtsketen dreigt door tekorten verstopt te raken. Extra banen moeten deze tekorten opheffen. We verbeteren de veiligheid, de toegang tot het recht en de werking van de rechtsketen. We zorgen onder meer voor duizenden extra wijkagenten, extra rechercheurs, specialisten op bijv. bestrijding van cybercriminaliteit, meer rechtshulp en rechters, militairen, marechaussees, douaniers, maar ook voor conducteurs, toezichthouders, wijkconciërges, en inspecteurs van toezichthouders (denk aan de Belastingdienst, de Arbeidsinspectie, de Privacy-waakhond APG, de Voedsel- en Warenautoriteit, de Inspectie voor milieu en van landbouw, etc.). De uitgaven hiervoor maken onderdeel uit van de intensivering voor de publieke sector van € 15 miljard structureel
      • en we verleggen de focus. Veel criminaliteit is nu drugsgerelateerd. In plaats van steeds meer inzet op repressie, dat aantoonbaar niet werkt, zetten we in op legalisering en regulering van drugs, en het behandelen en voorkomen van verslaving. Maar ook meer in het algemeen zetten we minder eenzijdig in op strafrecht, en meer op preventie en reclassering, met een aparte inzet op veelplegers, zeden- en levensdelicten, zware, georganiseerde criminaliteit, milieucriminaliteit en grootschalige fraude/witwassen, de zgn. witte boorden-criminaliteit
      • we investeren ook in de organisaties, scheidden justitie weer van de politie, en decentraliseren een deel van de aansturing van de nationale politie. We ontlasten de rechtspraak ook door veel procedures niet meer in eerste instantie door de rechter te laten afdoen, zoals bij echtscheiding en schuldhulpverlening
      • toezicht concentreren we in een versterkte bundeling van geheel onafhankelijke toezichthouders, conform het advies van de Onderzoeksraad voor Veiligheid. Er moeten veel meer inspecties plaatsvinden en die moeten effectief en onafhankelijk zijn, en dus niet gebaseerd zijn of leunen op zelfregulatie
      • we verlagen de griffierechten en investeren in gratis rechtsbijstand en juridisch advies. De democratische rechtsstaat valt of staat met toegang tot het recht voor een ieder
    5. Een beter zorgstelsel:
      • we voeren per 2025 een nieuw zorgstelsel zonder marktwerking van aanbieders en zorgverzekeraars, met publieke regie en één financieringsstroom voor alle publiek bekostigde zorg (ZVW, WLZ, WMO, Jeugdzorg). Samenwerking gaat concurrentie vervangen. De ACM wordt daarbij niet meer bevoegd in de zorg
      • we gaan stapsgewijs over naar volledige financiering van publiek bekostigde zorg via eerlijke belastingen (zie 10) in plaats van huidige individuele bijdragen (premies ZVW en WLZ, eigen risico ZVW, eigen bijdragen WMO, WLZ en geïndiceerde medicijnen). Dit wordt volledig gerealiseerd in 2025. Het CAK wordt opgeheven
      • tandartszorg en geïndiceerde fysiotherapie komen per 2022 in het basispakket publiek bekostigde zorg, evenals anticonceptiemiddelen en bewezen effectieve zorgpreventie
      • alle publieke zorg wordt weer een recht in plaats van als van gemeente afhankelijke voorziening
      • we gaan tenminste een € 1 miljard investeren in een nationaal plan voor zorgpreventie
      • we komen met een groot besparingsplan van tenminste € 10 miljard structureel in de zorg met o.m. afschaffing marktwerking, betere spreiding en concentratie voorzieningen, veel minder bureaucratie, iedereen in loondienst, verbod op winstuitkeringen en van op andere wijze zorggeld onttrekken aan de zorg, aanpak medicijnenprijzen (cf. eerdere nota van GL/PvdA/SP), ander bekostigingssysteem (minder volumeprikkels), strengere poortwachtersrol huisarts en strenge bewaking kwaliteit (bijv. met aantal hersteloperaties) en zinnige/werkende zorg
      • we komen met een actieplan voor snel oplossen wachtlijsten en kwalitatieve tekorten in o.m. jeugdzorg, ouderenzorg en GGZ
      • we investeren tenminste € 1 miljard structureel voor extra woonzorgvoorzieningen zoals het zorgbuurthuis, voor extra dagbesteding en voor het levensloopbestendig maken van woningen. Nieuwe woningen moeten levensloopbestendig zijn en aanpassing van woning in verband met een beperking wordt weer een recht
      • we zorgen voor een goed gespreid netwerk van basiszorgvoorzieningen, inclusief ambulancezorg, noodhulp en verloskundige zorg
      • we komen met voorrang tot meer centrale crisissturing en meer crisiscapaciteit bij epidemieën en andere rampen
    6. Een beter onderwijs met gelijke kansen, en meer cultuur:
      • met de extra € 5 miljoen structureel voor het onderwijs uit de € 15 miljard structurele intensivering voor de publieke sector financieren we een vermindering van de werkdruk in het onderwijs en realiseren meer aandacht per leerling:
        • we realiseren kleinere klassen (gemiddeld 23 leerlingen, in achterstandswijken gemiddeld 12 leerlingen) en een kleinere lestaak (max. 1/3 van de aanstelling)
        • er komen ook meer onderwijsassistenten (per klas tenminste één), meer vakleerkrachten (bijv. voor bewegings- en voor cultuuronderwijs) en iedere school krijgt tenminste een schoolconciërge
        • er komt meer specialistische begeleiding in kader van passend onderwijs
        • de beloningsverschillen tussen PO en VO worden opgeheven
        • de beloningen worden goed concurrerend met de marktsector
      • in het onderwijsbeleid voeren we een radicaal op gelijke kansen gericht beleid:
        • dat vraagt in de eerste plaats om uitstel van studiekeuze tot 15/16 jaar met een investerings- en innovatieplan en -budget voor meer niveaudifferentiatie en verschillende werkvormen. Er komt een structureel extra budget hiervoor van € 1 miljard euro voor PO en VO (bovenop de hierboven genoemde € 5 miljard) en een extra transitiefonds. Dat laatste wordt bekostigd uit het Brede Welvaartsfonds (zie 13)
        • het voorschoolse onderwijs (tenminste 16 uur per week vanaf 2 jaar), kinder- en buitenschoolse opvang worden geïntegreerd in volledig gratis, publieke, niet op winst gerichte, aan scholen gekoppelde voorzieningen
        • we gaan het passend onderwijs beter afdwingen en faciliteren
        • in het basis en voortgezet onderwijs komt er op iedere school een toelatingsrecht. Scholen mogen leerlingen niet meer afwijzen, ook niet vanwege de religieuze identiteit van de school. Bij capaciteitsproblemen kan er tijdelijk een stop worden toegestaan, maar de school moet dat met extra publieke middelen zo snel mogelijk oplossen
        • mbo-instellingen met veel leerlingen uit achterstandsituaties krijgen gericht extra overheidsgeld om deze leerlingen naar het diploma te tillen dat voor hen haalbaar is. Jongeren krijgen een doorstroomrecht: een diploma geeft zonder extra voorwaarden recht op vervolgonderwijs. De aansluiting wordt verbeterd, extra toegangseisen vervallen en er komen goede schakelprogramma’s. Er komt extra geld voor extra begeleiding, bijlessen en coaching van studenten die doorstromen van mbo naar hbo, in het laatste jaar mbo en het eerste jaar hbo, en voor meer professionele studieloopbaanoriëntatie en -begeleiding
      • de taal- en rekenvaardigheid, maar ook de kennis in andere vakken (vreemde talen, geschiedenis, aardrijkskunde, biologie, natuur- en scheikunde, informatica, maatschappijleer/burgerschapsvorming, creatieve vorming, lichamelijke opvoeding, etc.) in het basis, voortgezet en beroepsonderwijs moet substantieel omhoog. Teveel leerlingen ontberen nu basale, noodzakelijke kennis en vaardigheden. We verruimen de onderwijstijd en breiden de brede vorming voor alle leerlingen uit. We investeren extra in de lerarenopleidingen. We stellen hiervoor aanvullend structureel 1 miljard euro ter beschikking. De verschillen in kwaliteit tussen scholen moeten veel minder groot worden. Zwakke scholen moeten eerder onder toezicht worden geplaatst. Kinderen zijn anders de dupe. Zo nodig wordt extra budget ter beschikking gesteld om de situatie te verbeteren
      • we realiseren aanvullend een structurele investering van € 1 miljard voor bestrijding laaggeletterdheid onder volwassenen. Hiertoe komt een actieplan met concrete doelstellingen
      • we investeren extra in bibliotheken (voor iedere burger moet er binnen een redelijke afstand een bibliotheekvoorziening zijn), in buitenschools cultuuronderwijs, in culturele voorzieningen (van musea tot cultuurparticipatie) en in onafhankelijke omroep en journalistiek
    7. Eerlijk snel verduurzamen: Moeilijke keuzes moeten niet worden uitgesteld – die tijd hebben we niet meer:
      • we maken de Klimaatwet voor de burger afdwingbaar. De doelstellingen worden verhoogd naar de recente ambities van de Europese Commissie
      • de kolencentrales moeten in 2022 dicht
      • we maken per direct een einde aan alle subsidies voor fossiele energie – in de vorm van exportkredietverzekeringen en vrijstellingen voor energiebelasting (glastuinbouw) en van belasting op kerosine (luchtvaart), en subsidies aan niet-duurzame vormen van biomassa. Deze subsidies (nu € 17,5 miljard per jaar!)[i] worden zoveel mogelijk vervangen door beprijzing, waarbij schoon en duurzaam goedkoper worden. We verbieden ook de reclame voor fossiele energie
      • de industrie wordt niet langer uitgezonderd van de wettelijke plicht voor bedrijven alle broeikasgasuitstoot te verminderen als er maatregelen daarvoor mogelijk zijn die zich binnen vijf jaar laten terugverdienen, en we gaan dat strikt handhaven
      • we investeren fors in de energietransitie naar duurzame energie en energiebesparing. Deze uitgaven, incl. investeringen in nieuw elektriciteitsnetwerk en  -opslag, maken deel uit van het Brede Welvaartsfonds (zie 13). We stoppen met het subsidiëren van grote energiegebruikers zoals datacentra. Duurzame energie die in ons land wordt opgewekt moet zoveel mogelijk naar huishoudens en duurzame bedrijven in ons land. Restwarmte-uitstoot wordt belast opdat het rendabel wordt deze te benutten. We investeren niet in kernenergie, en niet in niet-duurzame biomassa. CO₂-opslag is waarschijnlijk tijdelijk nodig, investeringen daarin moeten toetsbaar niet ten koste gaan van vermindering van uitstoot op de langere termijn
      • de luchtvaart moet in de komende kabinetsperiode krimpen: Schiphol terug naar max. 400.000 vluchtbewegingen, geen groei op andere luchthavens, Lelystad gaat definitief niet open, duurdere prijzen, verbod op vluchten <750km en op nachtvluchten, en we gaan in plaats daarvan meer investeren in snelle, betaalbare Europese treinverbindingen
      • we investeren tot 2030 20 miljard extra in (betaalbaar, snel, toegankelijk) OV, fietsvoorzieningen, en elektrisch particulier vervoer. Het OV moet qua prijs voordeliger worden dan privaat vervoer. Dat doen we door de OV-prijzen te verlagen en die van privaat vervoer (auto, vliegtuig) zwaarder te belasten – het laatste ook gedifferentieerd naar tijd en plaats, om overlast en verstopping (met weer meer uitstoot) te beperken. Het verlies aan inkomsten van het OV door de corona-crisis compenseren we volledig, opdat de nu geplande bezuinigingen kunnen vervallen. Deze investeringen maken deel uit van het Brede Welvaartsfonds (zie 13)
      • we komen met een nieuw natuurinclusief landbouwbeleid met een nieuw verdienmodel. Niet meer door concurrentie op zo laag mogelijke kostprijs, maar met eerlijke prijzen, garanties voor eerlijke concurrentie door gelijke eisen te stellen aan importproducten en het breken van de inkoopmacht van o.m. supermarkten en de tussenhandel en de marktmacht van voedselverwerkers. We willen meer, kleine boeren en minder dieren met meer dierenwelzijn, geen monocultuur en meer natuurlijk leven. De intensieve veeteelt moet binnen 10 jaar gehalveerd worden en in 30 jaar geheel worden afgebouwd (ook van belang voor het voorkomen van nieuwe zoönoses, zoals het covid-19 virus!). We dwingen drastische vermindering van gebruik antibiotica in veeteelt af, verbieden en belasten gebruik van schadelijke pesticiden, bevorderen biologische bestrijdingsmiddelen en voorkomen patenteren en in eigendom nemen van natuur door bedrijven. Uitstoot van broeikasgassen, stikstof en fijnstof moet zoveel mogelijk worden teruggedrongen. We stellen strenge duurzaamheidskwaliteitseisen en willen grondgebonden productie, met zoveel mogelijk lokale productie- en consumptieketens. We bevorderen regionale afzetcoöperaties. Export van landbouwproductie vervangen we zoveel mogelijk door export van landbouwexpertise. Natuurinclusieve landbouw moet in 2050 volledig gerealiseerd zijn met meetbare en voor burgers afdwingbare tussendoelen in 2030. De transitiekosten maken deel uit van het Brede Welvaartsfonds (zie 13)
      • we willen in 2050 niet alleen een fossielvrije energievoorziening, maar een volledig circulaire economie: een kringloopeconomie waarin geen eindige grondstoffen worden uitgeput en waarin reststoffen (afval) volledig opnieuw worden ingezet in het systeem. Met een zuiniger gebruik van eindige grondstoffen, en met een productieconcept waarin hergebruik, reparatie en recycling uitgangspunt is, en waarin ook energie teruggewonnen wordt uit materialen en afval(verwerking. Voor iedere sector van onze economie komen er wettelijke doelstellingen, instrumenten en financiering, op weg naar een volledig circulaire economie in 2050. We realiseren voor 2050 100% hergebruik van grondstoffen en afval. Hiertoe wordt naar analogie van de Klimaatwet een Afvalwet ingevoerd, met afgesproken meetbare en voor de burger afdwingbare termijndoelen. Onderdeel van deze aanpak is:
        • We voeren in 2022 de verpakkingsbelasting opnieuw in en verdubbelen de opbrengst;
        • Statiegeldregelingen voor alle plastic en blik verpakkingen worden per 2022 verplicht gesteld;
        • Alle verpakkingen worden uiterlijk 2030 verplicht biologisch afbreekbaar, zoals bioplastics.
        • De transitiekosten maken deel uit van het Brede Welvaartsfonds (zie 13)
      • de normen voor de luchtkwaliteit, zoals voor geur (ammoniak), de hoeveelheid en samenstelling van (ultra-)fijnstof en fijnstof, stikstofoxiden en roet, worden aangescherpt tot tenminste het niveau dat is vastgelegd door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Vervuilend vervoer in de bebouwde kom en in het OV wordt uiterlijk in 2030 verboden. Normen op het gebied van geluid, trillingen, stank, en andere overlastgevers worden altijd vastgesteld op basis van de beste (en meest recente) wetenschappelijke inzichten en strikter gehandhaafd. Bedrijven die installaties vervangen krijgen geen nieuwe vergunning als zij niet de best beschikbare, duurzame technieken toepassen. Het stikstofarrest van de Raad van State wordt strikt uitgevoerd – niet door ontwijktrucs. De Nederlandse stikstofuitstoot moet zo snel mogelijk met meer dan 50% omlaag om de natuur drastisch te ontzien. Met betrekking tot de uitstoot van PFAS-stoffen en Chroom-6 worden bronmaatregelen genomen die voorkomen dat ze nog gemaakt worden, in plaats van dat de normen versoepeld worden. De uitstoot wordt streng verboden en gehandhaafd, ook wat betreft de afvalstromen. Er komen onafhankelijke veilige normen voor de concentratie in bodem (ten behoeve van bodemsanering) en water (voor toepassing als drinkwater). Bij bouwen of bij ander gebruik van de grond krijgt de veiligheid en kwaliteit van het drinkwater de hoogste prioriteit. Voorraden voor de toekomst worden beschermd tegen bedreiging en vervuiling, zoals het lozen van afvalwater en de winning van zout of gas. De normen voor lozen van voor de gezondheid schadelijke stoffen door bedrijven in bodem, water en atmosfeer moeten veel strikter worden gehandhaafd en veel zwaarder, ook strafrechtelijk, worden vervolgd
      • We komen met een actieplan voor herstel van onze biodiversiteit, investeren tenminste € 2 miljard in extra natuur en verbinden de natuurgebieden. Er komen 1 miljoen extra bomen voor 2030 en we versterken wettelijk de rechten van dieren
      • De transitie gaan we eerlijk organiseren: de sterkste schouders en de grootste vervuilers (die combinatie gaat bijna altijd op) dragen de zwaarste lasten:
        • Er komt een substantiële (€ 50 per ton CO₂-uitstoot met 5% jaarlijkse verhoging) CO₂-belasting voor alle bedrijven, inclusief energiebedrijven en de landbouw, die niet verrekend mag worden met de bestaande ETS-heffing. De CO₂-belasting en de bestaande ETS-heffing gaan ook gelden voor andere broeikasgassen, dus ook bijv. voor methaan. We gaan ook de uitstoot van stikstof en fijnstof belasten
        • De milieu-investeringsaftrek wordt geschrapt. Hiervoor in de plaats komt een innovatie- en werkgelegenheidsfonds
        • De energiebelasting gaat omlaag voor normale huishoudens – nu betalen zij gemiddeld 30 x zoveel als de meest vervuilende bedrijven, dat moet worden omgekeerd met Een progressieve energiebelasting naar schaal van energieconsumptie en tarieven gebaseerd op uitstoot CO₂, zodat duurzame elektriciteit niet belast wordt, met kolen opgewekte elektriciteit extra zwaar belast wordt en met aardgas opgewekte elektriciteit even zwaar belast wordt als direct gebruik van aardgas. Vervuilers en fossiel grootverbruikers veel zwaarder belasten, huishoudens lager belasten. Lage inkomens krijgen een hogere belastingvrije voet voor de energiebelasting. Huidige vrijstellingen, juist vaak van de grootste vervuilers (zoals de luchtvaart) worden afgeschaft
        • De opslag duurzame energie (ODE) in de energiebelasting wordt afgeschaft. De subsidies voor verduurzaming worden anders gefinancierd, o.m. uit een hogere energiebelasting op vervuilende productie. Subsidies voor verduurzaming energieverbruik (SDE+) komen in het vervolg vooral ten goede aan de lage en middeninkomens. En ze mogen niet gebruikt worden voor CO₂-opslag (CCS) of niet-duurzame biomassa
        • Groente en fruit, water, en biologische producten worden vrijgesteld van btw. Gezonde en duurzame andere producten en diensten komen onder het lage btw tarief, vervuilende en ongezonde producten komen onder het hoge btw tarief. Er komt een verbod op stunten met vleesprijzen. Al het vlees dat in Nederland verkocht wordt, beschikt in 2022 als eerste stap over tenminste twee sterren van het Beter Leven Keurmerk van de Dierenbescherming
        • We stellen tenminste 1 miljard euro beschikbaar voor isolatie en ventilatie van publieke gebouwen (zoals scholen, zorginstellingen, bibliotheken, sportclubgebouwen, etc.). Dit geld komt uit het Brede Welvaartsfonds (zie 13)
        • Er komen bindende afspraken met corporaties en commerciële verhuurders voor het energieneutraal maken van 250.000 woningen per jaar. Er komt een verbod op het verhuren van woningen met de slechtste energielabels (vooral in bezit bij particuliere verhuurders), voorafgegaan door een verbod op huurverhoging van deze woningen. Dit verbod wordt stapsgewijs aangescherpt
        • Gemeenten kunnen met hulp van het Rijk duurzaamheidsfondsen oprichten die koopwoningen verbeteren, en in ruil daarvoor een aandeel nemen in de woning. De eigenaar kan ervoor kiezen de investeringen terug te betalen en weer volledig eigenaar te worden, of de woning deels eigendom te laten blijven van het fonds. In ruil voor de gratis woningverbetering wordt deze woning onderdeel van een gereguleerd en sociaal koopsegment
        • Sociale huurwoningen gaan voor 2030 van het gas af, maar niet voor, of op zijn vroegst tegelijk met, dat ze goed geïsoleerd en geventileerd zijn. De woningcorporaties krijgen hiertoe extra geld uit het Brede Welvaartsfonds (zie 13). Bij de omzetting ontvangen huishoudens met een inkomen tot 130% WML 1000 euro als compensatie voor de te maken kosten van vervanging van kookstel, fornuis en pannen. De financiering van deze compensatie geschiedt ook uit het Brede Welvaartsfonds (zie 13)
        • We passen de Warmtewet aan opdat warmtenetten publiek worden, de koppeling aan de gasprijs wordt geschrapt, de bescherming van consumenten wordt versterkt (de prijs moet transparant zijn en bewezen lager dan gasprijs, en alle storingen moeten worden vergoed), contracten tussentijds kunnen worden opgezegd en we bevorderen energiecollectieven voor de levering van warmte en/of elektriciteit. Het gebruik van biomassa voor warmtecentrales wordt zoveel mogelijk beperkt, in ieder geval moet het strikt getoetste duurzame biomassa zijn
      • We gaan de slachtoffers van de aardgaswinning snel (voor 2023) en onafhankelijk compenseren en dat zoveel mogelijk verhalen op de NAM. Groningen (en delen van Drenthe) krijgen een apart fonds van 10 miljard euro voor herstel en investeringen.
    8. Oplossen woningnood en betaalbaar huren weer mogelijk maken:
      • het Rijk en de provincies herkrijgen hun regie- en kaderstellende verantwoordelijkheid voor volkshuisvesting met bijbehorende doordrukmacht. We zorgen dat procedures om te bouwen sneller verlopen. Er komt een Nationaal Plan tegen de Woningnood: We bouwen de komende 10 jaar tenminste één miljoen huurwoningen, waarvan circa een derde sociale huurwoningen (waarvan een substantieel deel met huur van beneden 400 euro per maand). Gemeenten zijn daaraan gebonden in hun woonvisie. Provincies houden toezicht op voldoende bouw. Het gaat hierbij niet alleen om aantallen, maar ook om prijzen. We starten een apart project voor leerwerkbedrijven in de bouw met gemeenten, corporaties en onderwijsinstellingen om de tekorten aan arbeidsplaatsen te helpen op te lossen
      • om woningcorporaties de ruimte te geven te investeren in de bouw van voldoende betaalbare woningen, de verduurzaming van hun woningen en lagere huren te realiseren schaffen we per direct de verhuurdersheffing af, evenals de vennootschapsbelasting en de ATAD heffing voor woningcorporaties, en veranderen dit in een rijkssubsidie van 2 miljard euro structureel. We bevorderen anticyclische investeringen van corporaties. In de komende kabinetsperiode is er een verbod op verkoop van sociale huurwoningen
      • we gaan de huren voor de komende kabinetsperiode bevriezen en die voor de lage en middeninkomens verlagen. Inkomens tot en met anderhalf modaal krijgen toegang tot sociale huurwoningen. We schrappen de inkomensafhankelijke huurverhoging en het concept van ‘passend wonen’. We gaan niet mee in het opjagen en stigmatiseren van huurders. Niet zgn. ‘scheefwoners’ zijn het probleem, maar het tekort aan betaalbare woningen
      • alle huur gaat vallen onder het systeem van de huurbescherming met toepassing van het zgn. puntensysteem (woningwaarderingssysteem). Daarmee wordt ook de huur gemaximaliseerd. We gaan ook dat puntensysteem moderniseren, waardoor normale basisvoorzieningen niet meer tot extra punten leiden, de WOZ-waarde vervalt eruit (wordt vervangen door het oude systeem, waarbij extra punten worden toegekend wat betreft locatie e.d.), zodat de veel te hoge huizenprijzen niet langer meer doorwerken in de huurprijs, en een duurzaam huis (goed geïsoleerd en geventileerd, gasloos) mag niet tot meer huurprijs leiden dan de energiebesparing die het oplevert, zodat de woonlasten na verduurzaming niet meer – zoals nu – stijgen.
      • de huurtoeslag wordt vervangen door een nieuw systeem van huursubsidie waarbij inkomensafhankelijke huursubsidie verkregen wordt gebaseerd op het inkomen van twee jaar daarvoor, tenzij er sprake is van een grote inkomensdaling. We zorgen dat met lagere huren en breder beschikbare huursubsidie de netto-huurlasten voor lagere inkomens (tot modaal) niet meer bedragen dan 25% van het besteedbaar inkomen en voor middeninkomens (t/m anderhalf modaal) niet meer bedraagt dan een derde van het besteedbaar inkomen
      • we bevorderen woningcoöperaties. Huurders moeten bij corporaties instemmingsrecht krijgen op het huurbeleid. We zorgen voor huurteams in alle steden en draaien de bezuinigingen terug op de huurcommissies. De omvang van woningcorporaties brengen we terug (bijv. max. 10.000 huurders, statutair werkgebied, geen gemeentegrensover-schrijding). De markttoets voor corporaties wordt afgeschaft
      • we stoppen met het flexwonen door de vele constructies waar de huurbescherming nu niet meer geldt weer onder de volledige werking van huurbescherming te plaatsen. De huurovereenkomsten voor bepaalde tijd voor de duur van twee of vijf jaar verdwijnen. Studenten, jongeren en promovendi hebben recht op vervangende huisvesting (en een verhuiskostenvergoeding). We verbieden gebruiksovereenkomsten (antikraak-wonen). Bij leegstand wordt verhuurd op basis van de Leegstandswet. Er komt een boete op leegstand van langer dan een jaar
      • we versterken de mogelijkheden van gemeenten voor lokaal woonbeleid ten behoeve van betaalbaar wonen. Er komen meer mogelijkheden voor gemeenten om met woonvergunningen voorwaarden aan koop en huur te stellen, bijv. met beperking onderverhuur aan toeristen en expats, door bevoordeling inwoners in de gemeente, door een woonplicht, etc. Ook kunnen gemeenten beperkingen stellen aan kopen voor dure verhuur, bijv. door een maximum prijs per m² in te stellen of kopen voor verhuur gericht toe te wijzen en te verbieden. Gemeenten krijgen meer ruimte om de OZB vorm te geven, met bijv. hogere tarieven bij dure huizen. We willen geen andere verruiming gemeentelijke belastingen om gemeenten met meer lage inkomens te beschermen
      • we gaan het voorkeursrecht van gemeenten voor een actieve grondpolitiek versterken. Gemeenten mogen grond niet meer tegen marktprijzen aan woningbouwcorporaties verkopen – dit helpt lagere huren mogelijk te maken. Gemeenten kunnen gronden waarop nog geen definitieve bestemming rust opkopen en de bestemming veranderen van gronden die eigendom zijn van speculanten. Gemeenten krijgen mogelijkheid en meer bevoegdheden om weer zelf te bouwen
      • er komt een aparte huisjesmelkerstaks: een extra belasting voor iedereen die meer dan tien huizen bezit (m.u.v. corporaties)
      • gemeenten moeten verplicht – al dan niet in regionaal verband – daklozenopvang realiseren. Oorzaken van dakloosheid moeten weggenomen worden: meer GGZ-opvang en -begeleiding; adequaat urgentiebeleid bij toewijzing woningen; vroegsignalering bij ‘life-events’ die risicovol zijn (echtscheiding, werkloosheid, etc.); en een wettelijk verbod op huisuitzetting (zeker bij huishoudens met kinderen) zonder alternatieve beschikbare huisvesting, en wanneer schuldhulpverlening wordt aanvaard. We komen met een door het rijk gefinancierd noodplan met systeembouw voor woningen voor daklozen, waar daklozen kunnen wonen totdat er een passende reguliere woning voor hen beschikbaar is en zij daaraan toe zijn – Housing First. Vanuit onderdak wordt er passende integrale zorg en begeleiding aangeboden (zoals GGZ, SHV, verslavingszorg, jeugdzorg, etc.)
      • we stoppen met het criminaliseren van kraken, maken een einde aan antikraakbewoning en verscherpen de leegstandswet. Bij langdurige leegstand kan de gemeente woningen en voor woning geschikt te maken andere gebouwen vorderen.
      • corporaties krijgen ook meer ruimte om te investeren in de buurt. Het rijkbeleid voor kansarme wijken in de grote steden krijgt van ons een herstart, waarbij wooncorporaties een noodzakelijke partner zijn, samen met het terugbrengen van het buurt- en jongerenwerk, aandacht voor veiligheid, scholing, integratie en werk. We gaan hier € 1 miljard structureel in investeren. We blazen de welzijnssector weer nieuw leven in met een goede organisatie voor o.m. buurt- en jongerenwerk, publieke arbeidsbemiddeling, scholing voor jongeren en volwassenen met o.m. schuldhulpverlening en armoedebestrijding. Dat koppelen we ook aan het offensief tegen laaggeletterdheid, initiatieven voor gezonde leefstijl en goede wijkzorg. Juist in arme wijken is er nu veel zorgongelijkheid
      • we trekken de Rotterdamwet in en stoppen met het daaraan verbonden beleid, dat leidt tot gentrificatie van wijken. In plaats van arme mensen verdrijven uit hun wijken gaan we weer staan voor hulp van mensen in de wijken waarin ze zelf willen wonen, gaan we een nieuwe ronde van stadsvernieuwing aan, waarbij we nauw samenwerken en optrekken met de bewoners en hun organisaties. En in plaats van sociale woningen te slopen gaan we die juist bouwen en renoveren, ook in de rijkere wijken! Wijken met een gedifferentieerde samenstelling bevorderen we niet met discriminatoir verwijderen van arme, kansarme huishoudens, maar door hun te helpen in hun ontwikkeling en perspectief, onder meer door juist in rijkere wijken meer sociale huurwoningen te realiseren
      • de hypotheekrenteaftrek wordt stapsgewijs sneller afgeschaft. In 2030 vervalt de gehele hypotheekrenteaftrek. Tegelijkertijd vervalt voor hen die geen recht hebben op hypotheekrenteaftrek het eigenwoningforfait, voor zover het betreft de enige zelf bewoonde woning en voor zover de WOZ-waarde daarvan niet hoger is dan een half miljoen euro[ii]. Ook de andere aftrekposten voor de eigen woning worden geschrapt. Er komt een vrijstelling voor heffing over inkomen uit vermogen ter hoogte van de gemiddelde WOZ-waarde van koopwoningen (2020: € 332.000) per huishouden bovenop de huidige persoonlijke vrijstelling (2020: € 30.846) – dat betekent dat ook huurders en door eigenaar-bewoners van een woning beneden die gemiddelde WOZ-waarde hiervan profiteren.[iii]
      • In plaats van hypotheekrenteaftrek komt er een inkomensafhankelijke fiscale subsidie op woonsparen voor inkomens tot anderhalf modaal en een eenmalige inkomensafhankelijke koopsubsidie voor inkomens tot modaal voor woningen tot aan de grens voor sociale koop. Deze grens verhogen we naar de grens voor de Nationale Hypotheek Garantie (NHG). Verkoop van sociale koopwoningen in strijd met de voorwaarden daarvan wordt onverbindend, waarbij de verkoper aansprakelijk wordt voor de rechtsgevolgen daarvan. Het budget voor deze subsidies is gelijk aan het budget voor de huurtoeslagen
    9. Een humaan, solidair en inclusief beleid:
      • We voeren de uitvoering van het VN-verdrag voor non-discriminatie van mensen met een beperking versneld uit. De toegankelijkheid van gebouwen, de openbare ruimte, het vervoer, de media en noodzakelijke communicatie moet binnen 10 jaar gerealiseerd zijn. Er komt een wet die dit recht afdwingbaar maakt voor mensen met een beperking (met recht op schadevergoeding bij overtreding). De financiering komt uit het Brede Welvaartsfonds (zie 13) We zetten de grondwetwijziging gericht op uitbreiding van artikel 1 (non-discriminatie) door
      • We voeren een actief beleid tegen discriminatie en uitsluiting op welke grond dan ook (inclusief homofobie, islamofobie en antisemitisme), huishoudelijk geweld, besnijdenis van vrouwen, gedwongen huwelijken, kindhuwelijken, eerwraak, mensenhandel en seksuele intimidatie, waaronder intimidatie op straat. We geven ook prioriteit aan bestrijding van de dreiging tegen de rechtsstaat vanuit met name extreemrechtse en extreemreligieuze hoek
      • Er komt een extra inzet voor statushouders (huisvesting waar ook werk is, gratis en publiek georganiseerd taalonderwijs, inburgering en beroepsmatige scholing, vooral voor tekortberoepen van goede kwaliteit, al te beginnen in de kleinschalig te organiseren asielopvang die zoveel mogelijk georganiseerd wordt in gemeenten waar zij later ook kunnen werken en wonen, met zoveel mogelijk betrokkenheid van andere burgers uit die gemeenten). Het inburgeringsonderwijs wordt ook opengesteld voor immigranten uit de EU en de deelname daarin is gratis en wordt aangemoedigd
      • Meer en betere opvang vluchtelingen in ons land, te beginnen met 500 kinderen uit Lesbos. We gaan de komende kabinetsperiode tenminste 50.000 vluchtelingen opnemen uit vluchtelingenkampen. We gaan het verdienmodel van mensensmokkelaars ondermijnen met het openen van een kansrijke route via selectie mede door UNHCR in de vluchtelingenkampen, samen met een coalitie van solidaire ontvangstlanden. We gaan onafhankelijk laten beoordelen welke landen als veilig gezien kunnen worden voor terugkeer. Door meer gereguleerde tijdelijke arbeidsmigratie te organiseren, in combinatie met scholing en succesvolle terugkeerarrangementen, halen we de oneigenlijke druk op de vluchtelingenstroom weg, en maken we terugkeerverdragen beter mogelijk. We gaan de duur van verblijfsvergunningen niet beperken. Als je niet terug kan omdat je land van oorsprong je niet toelaat, moet je een aparte tijdelijke vergunning krijgen. Kinderen die hier geboren zijn of al 5 jaar hier wonen, moeten als regel met hun verzorgende ouder(s) een verblijfsvergunning krijgen. We investeren in betere kwaliteit en snellere procedures bij de IND. Asielzoekers voor wie de behandeling bij de IND langer duurt dan de maximale termijn, ontvangen in beginsel een verblijfsvergunning. We stoppen met alle ontmoedigingsbeleid. Illegaliteit is niet strafbaar. Meervoudige nationaliteit wordt weer voluit mogelijk
      • Het budget ontwikkelingssamenwerking gaat naar 1% bbp, en wordt gezuiverd van oneigenlijke bestedingen (vluchtelingenhulp, defensie). Ook komt er aanvullend budget voor de bestrijding van ziekten in ontwikkelingslanden, waaronder voor bestrijding van covid-19
      • we toetsen handelsverdragen op eerlijke en duurzame handel en gaan actief belastingontwijking in ontwikkelingslanden tegen. We staan geen aparte rechtssystemen in handelsverdragen toe (geen ISDS, geen ICS). Bescherming van mensenrechten is voorwaarde voor handelsverdragen. De vrijhandelsverdragen met Japan, Canada, China en de Zuid-Amerikaanse Mercosur-landen voldoen daar niet aan en kunnen dus niet in de huidige vorm gesteund worden. We zetten ons in om oneerlijke EU-handelsverdragen en importtarieven vanuit ontwikkelingslanden te beëindigen. We streven naar een sociale, duurzame en democratische EU
      • de investeringen in defensie moeten worden verhoogd om aan de actuele bedreigingen en Europese ambities te voldoen. Bij de versterking van defensie zorgen we vooral voor meer inzet op personeel, met een betere uitrusting, beloning en rechtspositie. We streven naar veel meer Europese defensiesamenwerking en willen de afhankelijkheid van de VS verminderen. De 2% norm van de NAVO kan dan ondanks de extra ambitie worden verlaagd. De totale defensie-uitgaven moeten niet meer afhankelijk zijn van het nationaal inkomen, alleen de verdeling van die uitgaven over de lidstaten moet dat zijn
    10. Economie veel minder op schulden en financiële industrie, en een schuldenoffensief ter voorkoming en sanering problematische schulden:
      • we willen een minder op private schulden gerichte economie. In plaats van de focus op reductie van overheidsschulden moeten we de focus richten op reductie van private schulden, voor een duurzame, stabiele economische groei – met een forse krimp van onze private schulden en daarmee van de onze financiële sector. We stoppen radicaal met het aantrekken van nieuwe financiële spelers uit het buitenland, zoals nu door de Brexit gebeurt
      • we gaan de buffers bij banken stapsgewijs verhogen naar 10 procent van het kapitaal. De gewogen risico-eisen worden eveneens verhoogd. In de risicomodellen van banken moeten harde ondergrenzen aan het kapitaal worden gesteld, de zogenaamde kapitaalvloeren
      • we voeren een verbod in op te risicovolle producten, verplichten tot een harde scheiding tussen nuts- en zakenbankfuncties (aparte spaarbanken). De huidige strenge bonuswetgeving wordt verscherpt: een bonus mag niet 20 maar nog maar 10% van het vaste salaris bevatten en mag niet gerelateerd zijn aan doelstellingen die speculatie bevorderen of anderszins strijdig zijn met het algemeen belang
      • we willen naar een stelsel van kleinere banken, die bij problemen dan ook minder kostbaar gered kunnen worden. We willen ook meer diversiteit in banken, waaronder een staatsbank en een echt coöperatieve bank. De Volksbank moet een staatsbank worden
      • als een bank gered moet worden, wentelen we dat niet meer af op de belastingbetaler. De leiding moet dan plaatsmaken. Bij wanbeleid volgt vervolging, we schikken niet meer
      • we stellen het belang van klanten centraal bij banken met regels over minimum aan kantoren, persoonlijk contact en advies, geldautomaten, etc. Het wordt eenvoudiger om van bank over te stappen – banken moeten o.m. zelfde rekeningnummer blijven gebruiken en automatische incasso’s continueren. Betaalgegevens zijn van de klant, niet van de bank. Banken mogen betaalgegevens niet verkopen aan derden. De gedragscode waarin de omgang met betaalgegevens is geregeld, wordt aangepast, waarbij de bescherming van privacy voorop staat
      • we verhogen de bankbelasting
      • geldschepping moet de samenleving dienen: dat vraagt een goede democratische controle op geldschepping, het voorkomen van financiële zeepbellen en het creëren van ruimte voor publieke bestedingen. We gaan dat beter borgen. We stimuleren dat geld in de productieve economie terechtkomt en ontmoedigen speculatie
      • sommige verzekeraars verkeren in zwaar weer. Wij willen dat er geen dividenden mogen worden uitgekeerd als buffers onder druk staan. De Nederlandsche Bank moet hierop toezicht houden. Er komt een verplicht waarborgfonds voor het schadeloosstellen van verzekerden bij faillissement van een verzekeraar, gevoed door verzekeraars
      • het klachtenbureau Kifid wordt genationaliseerd
      • de accountants hebben bewezen zichzelf niet te kunnen reguleren. We voeren regels en verscherpt toezicht in om te waarborgen dat de controle op rechtmatigheid en op een getrouw beeld geven op juiste wijze plaatsvindt. Zij moeten een Chinese muur opzetten tussen accountantswerkzaamheden en advieswerkzaamheden. We verruimen de mogelijkheden om adviseurs te vervolgen die meewerken aan belastingontduiking en agressieve belastingontwijking
      • er komen ook scherpere regels voor private equity bedrijven. We gaan de uitwassen van dit Angelsaksische aandeelhouderskapitalisme bestrijden: de investeerder, en niet de belastingbetaler moet de grootste risicodrager zijn; excessieve schuldfinanciering en het verzwakken van de balans van ondernemingen worden beperkt; de invloed van werknemers wordt vergroot; en de kosten en het verdienmodel van private equity-partijen wordt verplicht transparant.
      • we gaan ook de hedgefondsen strakker reguleren. We gaan het aandelenbezit door hedgefunds in een onderneming wettelijk beperken (bijv. tot 30%) en het toezicht verscherpen
      • we gaan risico meer bij kredietverstrekkers leggen door bij faillissement geen beslag meer toe te staan op toekomstig inkomen (1 maal in de 6 jaar) en door bij het inleveren van het onderpand (de woning) de hypotheekschuld te laten vervallen
      • we verzwaren de regulering van reclame voor kredietverstrekking, besteden in het funderend onderwijs aandacht aan financiële planning en verplichten alle gemeenten tot de instelling van een Geldloket waar gratis financieel advies, hulp en informatie verkregen kan worden
      • gemeentelijke vroegsignalering moet verplicht georganiseerd worden. We verplichten de woningcorporaties, zorgverzekeraars, energieleveranciers en waterbedrijven dat zij bij twee maanden achterstand melding doen bij de gemeente. De gemeente moet dan zorgen dat hulpverleners contact leggen met de bewoners, om hen te ondersteunen om weer grip te krijgen op hun geld. Gemeenten moeten ook kijken hoe ze nóg vroeger in actie kunnen komen. Door bijvoorbeeld samen met corporaties en nutsbedrijven alert te zijn op ingrijpende levensgebeurtenissen, zoals echtscheiding of verlies van een naaste. Corporaties en andere bedrijven kunnen hun klanten dan in contact brengen met instanties die hen hierbij ondersteunen.
      • we voeren een vergunningsplicht in voor private incassobureaus in om onoorbare praktijken tegen te gaan en bij overtreding deurwaarders te kunnen sanctioneren. Private incassobureaus die woekertarieven rekenen pakken we aan met forse boetes en bij herhaling het intrekken van de vergunning. Incassokosten worden wettelijk beperkt en de voorwaarden om ze in rekening te mogen betrekken worden verstrekt
      • deurwaarders komen in onafhankelijke publieke dienst zoals in Zweden. Ze mogen geen eigen belang hebben bij het innen van schulden. Per huishouden kan er maar één deurwaarder zijn. We draaien de verhoging van de deurwaarderskosten terug
      • schulden mogen niet meer commercieel verhandeld worden, schulden aangegaan met iemand die geregistreerd staat als met problematische schulden worden nietig verklaard
      • de huidige gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs), de schuldsanering via de rechter (Wsnp) en (het vrijwillige schuldenbewind bij) private bewindvoerders (Wcbm) worden geïntegreerd in een geheel nieuw volledig publiek schuldhulpverlening- en schuldsaneringsstelsel, waarbij de gemeenten de verantwoordelijkheid krijgen, opdat er sneller en beter gehandeld wordt:
        • er geldt een toelatingsrecht en soms zelfs (via de rechter) wordt gedwongen hulpverlening mogelijk
        • de gemeente moet binnen zes weken een hulpverleningsplan vaststellen, op maat opgesteld gegeven de specifieke situatie van de schuldenaar, waarbij er direct een voor iedereen bindend schuldenmoratorium ontstaat: alle schulden worden bevroren en incasso’s kunnen alleen via de gemeente plaatsvinden en alleen in overeenstemming met het plan
        • de gemeente kan bewindvoering en budgetbeheer instellen en schulden overnemen
        • bewindvoerders moeten verplicht bij de gemeente in dienst en gediplomeerd of gecertificeerd zijn
        • het plan moet naast op het maximaal betalen van de schulden ook gericht zijn op het bieden van nieuw perspectief voor de schuldenaar
        • de rechtspositie van de schuldenaar wordt verbeterd en er komt een recht op onafhankelijke cliëntadvies
        • hulpverleners moeten goed opgeleid zijn en ruime regel- en budgetruimte hebben.
        • gemeenten krijgen hiertoe ruime extra middelen, dit wordt gefinancierd met een hogere bankenbelasting
        • schuldenaren en schuldeisers kunnen over besluiten van de gemeente in beroep bij de rechter. Zo’n beroep heeft geen schorsende werking
        • na één jaar (in plaats van de huidige drie jaar) worden resterende schulden kwijtgescholden, tenzij de schuldenaar onvoldoende meewerkt, dan wordt deze termijn verlengd (in plaats van, zoals nu, de schuldhulpverlening te staken – dat helpt niets, veroorzaakt alleen maar meer maatschappelijke kosten en zo leuk is het niet in de schuldsanering)
      • Voor schuldenaren die al vijf jaar of langer leven op de beslagvrije voet  komt er een schuldenpardon. Nieuwe schulden maken voor mensen met problematische schulden wordt uitgesloten
      • Het Bureau Kredietregistratie (BKR) wordt genationaliseerd.
    11. De markt beter reguleren:
      • we maken vijandige overnames moeilijker door werknemers een blokkerende stem te geven bij alle overnames en fusies, door een wachttijd in te voeren en door financiering door eigen vermogen te eisen. Nu worden overnames vaak gefinancierd via schuld, en dat is slecht voor het bedrijf en voor de economie als geheel. De investeerder, en niet de belastingbetaler moet de grootste risicodrager zijn. Dit wordt vooraf getoetst. Excessieve schuldfinanciering en het verzwakken van de balans van ondernemingen wordt wettelijk beperkt
      • we pakken kartelvorming en monopolies aan en we beperken het patentrecht in duur en ook waar het algemeen belang teveel in het geding is, zoals nu bij de farmaceutische industrie en bij internetbedrijven als zoekmachines, sociale media en softwarebedrijven
      • we verbeteren de huurbescherming van zelfstandige winkeliers en de rechtspositie van franchisenemers, en we passen de mededingingswetgeving aan, zodat de macht van grote inkopers tegenover kleine zelfstandigen wordt ingeperkt. Bij overheidsopdrachten garanderen we dat kleine ondernemers dezelfde kansen krijgen als grote bedrijven. Ondernemingen moeten in hun publiek jaarverslag verplichte onderdelen opnemen over hun sociaal en duurzaamheidsbeleid
      • we voeren een tijdelijke solidariteitsheffing in bij de huidige crisis, waarin ondernemingen die veel winst maken extra belast worden. De opbrengst gaat naar extra tijdelijke ondersteuningen van ondernemers die juist veel verlies leiden in de huidige crisis
      • consumentenbelangen moeten veel beter worden beschermd. Dat vraagt o.m. strengere regulering en betere handhaving, waarbij de vrije mededinging beperkt kan worden. De ACM moet zich beperken tot puur private en niet grotendeels door overheid gesubsidieerde en/of gereguleerde sectoren (dus geen zorg, onderwijs, kinderopvang, etc.) en stelt consumenten- en publieke belangen zwaarder dan pure mededingingsbelangen. Het verbod op het georganiseerd onderhandelen over prijzen van zzp-ers vervalt
      • reclame en productinformatie moet betrouwbaar zijn, met aansprakelijkheid van de producent als dat niet zo is, en productaansprakelijkheid moet veel minder eenvoudig als nu uitgesloten kunnen worden. Dat geldt des te meer voor digitale aanbieders. Gezondheidsclaims voor producten en diensten moeten vooraf aan de toezichthouder worden bewezen. We zetten ons in om de misstanden die nu wekelijks bij consumentenprogramma’s te zien zijn aan te pakken met extra regelgeving en handhaving. Met scherpe en intensieve inspecties en hoge, effectieve boetes
      • De privacy van burgers moet veel beter worden beschermd en het internet moet meer worden gereguleerd:
      • het dwingend en niet transparant goedkeuren van delen van je data en surfgedrag op websites wordt verboden
      • overheden en publieke instellingen moeten zelf controle houden over hun databestanden
      • er komt wettelijk gegarandeerde zeggenschap en transparantie over de koppeling van databestanden in publieke sectoren
      • het medisch beroepsgeheim wordt niet aangetast
      • we draaien het mogelijk maken van het verkopen van je data door je bank terug
      • burgers krijgen zeggenschap en controle over wat er met hun data gebeurt en er komen strenge wettelijke voorwaarden voor het omgaan met deze data
      • bij het gebruik van algoritmes en databestanden wordt transparantie wettelijk verplicht. Stigmatiserend en discriminerend gebruik van algoritmes, bijv. bij het bestrijden van fraude, wordt verboden. Algoritmes mogen niet leiden tot uitsluiting op de arbeidsmarkt of van verzekeringen
      • we ondersteunen de ontwikkeling van een ‘publiek internet’, met waardengedreven publieke en non-profit platforms, waardoor informatie en communicatie, en daarmee datastromen, niet langer via commerciële platforms hoeft te gaan. Zo bevorderen we een divers en pluriform internet met verschillende typen spelers
      • platformbedrijven moeten voor hun diensten voldoen aan dezelfde eisen als hun concurrenten: cao-naleving (Picnic), verbod op schijnzelfstandigheid (Deliveroo, Uber), beroepsvoorschriften (Uber) en belastingvoorschriften als btw en toeristenbelasting (AirBNB)
      • we voeren naar Frans voorbeeld een aparte belasting in op digitale diensten (digitaks)
      • we voeren wetgeving in om monopolyposities (zoals Google bij zoekmachines en Facebook bij sociale media) te breken. Dat kan o.m. met interoperabiliteit, het verbieden van koppelingen (zoals die nu door de Europese Commissie is verboden tussen het besturingssysteem Windows en de zoekmachine Internet Explorer), en door te verbieden dat toegang tot platforms of data uniek is – zoals nu Facebook bepaalt welk aanbod van andere partijen is toegestaan. Dataportabiliteit maakt het gebruikers mogelijk een alternatief voor Facebook te kiezen zonder gegevens te verliezen en dus zonder virtuele vrienden te verliezen
      • we nemen maatregelen om jongeren beter te beschermen tegen potentieel beschadigende content en verslavend internetgedrag, en om burgers te misleiden met ‘fakenews’ – dat moet wel zeer transparant en controleerbaar gebeuren, onafhankelijk van de overheid – en bewuste manipulatie van de democratie.
    12. Een nieuw en eerlijk belastingstelsel met als doelen lastenverzwaring voor grootbedrijf/hoge inkomens en vermogens, lastenverlichting voor lage inkomens en duurzaam mkb, beëindiging armoedeval  en hogere lasten op kapitaal en lagere op arbeid. Daarbij vereenvoudigen we het stelsel drastisch, hetgeen de uitvoerbaarheid en effectiviteit bevordert. De netto opbrengst financiert de intensiveringen in dit akkoord. We voeren de wijzigingen gefaseerd in waarbij de effecten op reële inkomens en de uitvoerbaarheid maatgevend zijn. Belangrijkste elementen zijn:
      • we willen een hoger belastingaandeel winst-, dividend- en erfenisbelastingen (tenminste terug naar verdeling in 2000). Daartoe nemen we de volgende maatregelen:
        • er komen voor bedrijven hogere in plaats van lagere tarieven vennootschapsbelasting (terug naar de niveaus aan het begin van deze eeuw; dus van 25 naar 35% resp. van 20 naar 29%) en de dividendbelasting wordt niet afgeschaft, maar verhoogd van 15 naar 25%. De tarieven maken we progressief: hoe hoger de winst en het dividend, hoe hoger het tarief. We bevorderen een zo hoog mogelijk Europese vloer in deze belastingen. Indien bedrijven vertrekken naar goedkope belastingparadijzen moeten ze een exitbelasting betalen conform het initiatief wetsvoorstel daarvoor
        • We schrappen ook alle vrijstellingen, zoals de innovatiebox (waar multinationals te makkelijk geld maar tegen 5% kunnen laten belasten) en de deelnemersvrijstelling en voordelen met betrekking tot herstructurering van schulden en verliezen, waarmee zelfs algehele belastingvrijstelling verkregen kan worden.
        • We gaan ook een gelijke aftrek van eigen en vreemd vermogen in de vennootschapsbelasting invoeren
        • de nieuwe zgn. Baangerelateerde Investeringskorting (BIK) wordt geschrapt
        • de ondernemersaftrek op winst en verlies uit onderneming (zelfstandigenaftrek, startersaftrek, meewerkaftrek, aftrek voor speur- en ontwikkelingswerk, stakingsaftrek) worden afgeschaft, evenals de ondernemingsfaciliteiten (mkb-winstvrijstelling, de landbouwvrijstelling, de milieu-investeringsaftrek, de willekeurige afschrijving milieu-investeringen, de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek, de energie-investeringsaftrek, en de herinvesteringsreserve)
        • de Directeur-Groot Aandeelhouder (DGA) gaan we direct belasten over de winst van zijn vennootschap. De huidige mogelijkheden om inkomen (schier eindeloos) uit te stellen vervallen, evenals de huidige aftrekmogelijkheden voor leningen
        • we stoppen met alle fiscale subsidiëring van schulden. We staan geen negatief inkomen meer toe, het minimuminkomen is altijd 0 euro, en waarborgen een eerlijke vermogensetikettering (indien het vermogen voor het merendeel privé of voor de onderneming wordt aangewend, wordt het vermogen daar in volledigheid opgenomen)
        • iedere Nederlander krijgt het recht om gedurende zijn leven 150.000 euro aan erfenissen of schenkingen te ontvangen – van wie dan ook. Alles daarboven wordt met een oplopend tarief belast: de eerste 500.000 euro met 40 procent, alles daarboven met 60 procent. Erfenissen zijn een belangrijke veroorzaker van onrechtvaardige bestendiging en vergroting van ongelijkheid. De vrijstelling voor het kopen van een huis voor je kinderen wordt geschrapt. Dat is een onrechtvaardige subsidie van arm naar rijk en draagt bij aan schadelijke prijsopdrijving op de woningmarkt. Het apart belastingvrij schenken van bedrijfsvermogen voor bedrijfsopvolgers wordt eveneens geschrapt
      • afschaffing boxenstelsel. Alle inkomen wordt gelijk behandeld, ongeacht de bron. Inkomen uit vermogen wordt niet meer op basis van een fictief rendement, maar op basis van het werkelijk genoten rendement aangeslagen. Voor het bepalen van het werkelijk rendement wordt uitgegaan van de waardevermeerdering van het vermogen plus de opbrengst van verkoop van het vermogen in het jaar voorafgaand aan het jaar waarop de belastingaanslag betrekking heeft. De fiscale faciliteiten voor de eigen woning worden afgeschaft of beperkt (zie 8)
      • de premies volksverzekeringen (AOW, ANW, WLZ) en de inkomensafhankelijke premies Zorgverzekeringswet (ZVW) vervallen en worden op voor de Rijksbegroting budgettair neutrale wijze verdisconteerd in de tarieven voor de inkomsten- en loonbelasting, behoudens de opbrengst van het vervallen van de huidige premievrijstelling voor AOW-ers. Deze laatstgenoemde opbrengst wordt gebruikt voor de financiering van de hiervoor genoemde verhogingen en verbeteringen van de AOW
      • we zorgen voor tot 10% lagere tarieven inkomstenbelasting tot anderhalf modaal met hogere tarieven daarboven. We voeren daartoe meer tariefschijven in. We willen effectieve tarieven en vervangen de algemene heffingskorting daartoe door lagere tarieven en meer schijven.
      • de ouderenkorting (incl. de alleenstaanden-ouderenkorting) vervalt in een aantal stappen die corresponderen met de verhoging van de AOW (ingevolge de verhoging van het sociaal minimum) en de wijzigingen in de AOW, zodanig dat ouderen met een inkomen tot anderhalf modaal er netto niet op achteruit gaan. De opbrengst van deze maatregel wordt gebruikt voor de hiervoor genoemde verhogingen en verbeteringen van de AOW
      • de jonggehandicaptenkorting vervalt in een aantal stappen die corresponderen met de verhoging van het sociaal minimum (en daarmee van de Wajong-uitkering/Zekerheidsinkomen), zodanig dat de ontvangers van deze korting er in netto inkomen erop vooruit gaan
      • de inkomensafhankelijke combinatiekorting en het kindgebonden budget worden budgettair neutraal geïntegreerd in de kinderbijslag, waarbij ouders met kinderen met een inkomen tot anderhalf modaal, geabstraheerd van andere wijzigingen die ook plaatsvinden, er niet op achteruitgaan
      • de fiscale zorgtoeslag en kinderopvangtoeslag verdwijnen, evenals de fiscale aftrek van bijzondere ziektekosten en studie- en opleidingskosten. Deze worden overbodig doordat we alle individuele, private bijdragen voor publieke zorgverlening (premie, eigen risico, eigen bijdragen, zie 5) en publieke kinderopvang (zie 6) schrappen. De aftrek voor kosten van tijdelijk verblijf thuis van ernstig gehandicapten blijft
      • de huurtoeslag wordt vervangen door een nieuw systeem van huursubsidie waarbij inkomensafhankelijke huursubsidie verkregen wordt gebaseerd op het inkomen van twee jaar daarvoor, tenzij er sprake is van een grote inkomensdaling (zie 8). We beperken de definitie van een toeslagpartner tot fiscale partners (inkomens van anderen tellen daardoor niet meer mee voor het bepalen van het recht op huursubsidie) en verlagen de leeftijdsgrens naar 18 jaar
      • we schrappen de meeste andere fiscale aftrekposten:
        • de fiscale aftrekposten voor reiskosten voor werk worden geschrapt, en de cataloguswaarde van door de werkgever verstrekte private vervoersmiddelen, behoudens de fiets, wordt volledig als belastbaar inkomen meegeteld (de huidige bijtellingen vervallen daarmee);
        • de aftrekposten voor giften en vrijwilligerswerk blijven. Vrijwilligersvergoedingen van ANBI-instellingen tot € 100 per maand kunnen anders dan nu ook collectief per instelling als fiscale aftrek verstrekt worden. Vrijwilligersvergoedingen tellen niet mee bij het toetsingsinkomen voor de huurtoeslag, voor WW-uitkeringen en voor het Zekerheidsinkomen. Daarmee bevorderen we giften en vrijwilligerswerk
        • de aftrekposten voor alimentatie en van lijfrentepremies en inleggelden voor lijfrentes vervallen
      • we voeren naast de bestaande belasting op inkomen uit vermogen ook een aparte vermogensbelasting in van 2% voor miljonairs en van 4% voor miljardairs
      • we zorgen voor een actieve aanpak van belastingontduiking en -ontwijking die onze schatkist nu tientallen miljarden per jaar kost:
        • rulings (belastingafspraken voor multinationals om dubbele belastingheffing te voorkomen; vaak misbruikt om belasting te ontwijken) worden openbaar zodat ze getoetst en democratisch gecontroleerd kunnen worden
        • we gaan veel meer belastingcontroles bij bedrijven en grote vermogens organiseren (eenmaal per 3 jaar, in plaats van de huidige eenmaal per 40-50 jaar, bij grote bedrijven en bedrijven met groot risico of eerdere fraude ieder jaar)
        • we scherpen vestigingseisen voor multinationals aam (o.m. werknemers en kantoor in Nederland)
        • belastingverdragen met derdewereldlanden maken we solidair en voorzien we van antimisbruikbepalingen
        • bedrijven moeten in concrete aantallen en euro’s in hun jaarverslagen aan gaan geven in welke landen zij produceren, in welke landen zij hun omzet boeken, waar zij investeren en in welk land zij hoeveel belasting betalen. Ook moeten bedrijven meer inzicht geven in hun vennootschapsstructuur
        • trustkantoren (die nu vooral werken voor brievenbusfirma’s) verbieden we. Er komt een openbaar register waarin staat wie de eigenaar is van een brievenbusfirma en wie profiteert van constructies via brievenbusfirma’s
        • het Koningshuis gaat gewoon belasting betalen.
    13. Uit de crisis door overheidsinvesteringen, i.p.v. bezuinigingen, met:
      • financieel-economische politiek die stuurt op brede welvaart, en niet primair op overheidsschuld of financieringstekort
      • in plaats van de huidige sterke afhankelijkheid van de export en van de financiële industrie (die beiden onze economie kwetsbaar maken voor externe invloeden) moet onze economie meer gaan steunen op hogere, duurzaam verantwoorde, binnenlandse bestedingen. Dus: Geen investeringen meer in EU- en nationaal gesubsidieerde en vooral voor de export producerende landbouwsector, niet meer in havens en luchthavens, niet meer in het aantrekkelijk maken als vestigingsplaats van banken. Maar wel investeren in o.m. natuurinclusieve, voor de binnenlandse markt producerende landbouw, in circulaire economie, in verduurzaming energie, in innovatieve, sterke publieke dienstverlening, etc.
      • we voeren gedurende deze crisis extra solidariteitsheffingen in waar veel geld verdiend wordt
      • we stellen een Breed Welvaartsfonds in van tenminste 80 miljard euro:
        • doel is niet primair economische groei (dat is slechts een middel), maar brede welvaartsbevordering. Een bijdrage leveren aan economische groei is geen voorwaarde
        • groeibevordering die alleen privaat neerslaat wordt uitgesloten
        • prioriteit ligt bij investeringen in de kennis- en innovatiestructuur, de duurzaamheidstransities (klimaat/energie; biodiversiteit; circulaire economie; gezond en veilig milieu), digitalisering/robotisering/kunstmatige intelligentie, oplossen woningnood en leefbaarheid, en vermindering private schulden
        • het fonds wordt mede gebruikt voor sectorspecifieke steun voor herstel na de huidige covid-19 crisis, ook voor de cultuursector en met speciale aandacht voor het mkb
        • deze en andere overheidsinvesteringen worden steeds gekoppeld aan werkgelegenheidsdoelstellingen voor nieuwe extra, goede banen en aan garanties voor begeleiding en scholing naar vervangend werk waar banen bij transities verloren gaan
        • het fonds wordt een wettelijk verankerd begrotingsfonds waarop het budgetrecht van het parlement volledig op van toepassing is
        • waar het bedrijfsleven van de investeringen meeprofiteert, is er van die zijde cofinanciering

    [i] Zie: https://www.mejudice.nl/artikelen/detail/subsidie-voor-fossiele-brandstoffen-ongekend-groot

    [ii] . Volgens het CPB (april 2020) zal afschaffing van de hypotheekrenteaftrek een welvaartsstijging van 0,5% van het bbp opleveren (zo’n 3 á 4 miljard euro per jaar) en de huizenprijzen in 5 jaar 11% doen verlagen. De huidige hypotheekrenteaftrek gaat nu voor 42% naar de 20% hoogste inkomens en voor 90% naar de 60% hoogste inkomens. De totale netto fiscale subsidiëring van woonbezitters versus huurders bedraagt € 10 miljard versus € 2 miljard.

    [iii] cf. voorstel uit algemene heroverweging ‘Ruimte voor Wonen’

    FacebooktwitterredditpinterestlinkedinmailFacebooktwitterredditpinterestlinkedinmail

Eerdere berichten